Artikel uit Brabants Dagblad van 01-11-2001
Weg banen in een oceaan van kleur

Door Mark van de Voort
Duizelingwekkende rasters van blauwe en zwarte banen, een woud van dansende lijntjes die elkaar rakelings passeren en alsmaar uitdijende lussen in de ruimte. Zo abstract als Huub van der -Loo's imposante, monumentale schilderijen ook mogen zijn, de vaart van de 21e eeuw spat zichtbaar van het linnen af.
Voor zijn expositie in de Udense Pronkkamer nodigde de Tilburgse kunstenaar Van der Loo zijn vroegere leraar Jan van den Dobbelsteen uit om een nieuwe ruimte te creëren. Een ruimte binnen in een ruimte moest het worden, waarbinnen een nieuw concept ontwikkeld kon worden. Voor Van der Loo was het de kans om zijn werk nu eens niet geconfronteerd te zien met de witte wanden van een museum. Openheid enerzijds en concurrentie tussen leraar en leerling anderzijds werden niet uit de weg gegaan. De uiteindelijke keuze en aanpak van kunstenaar Jan van den Dobbelsteen is zonder meer tegendraads te noemen. Maar het is er eentje die opmerkelijk goed uitpakt. Middenin de Pronkkamer heeft Van den Dobbelsteen een houten rechthoekige container gebouwd. Van buiten ziet zijn 'museum' er nogal provisorisch en kaal uit, maar als je eenmaal de kleine ruimte binnenwandelt springen de kleuren in al hun schakeringen op je af. Van den Dobbelsteen heeft de wanden van de ruimte compleet en nauwkeurig bekleed met precies afgemeten vlakken behangpapier. Van bloemetjes en hartjes tot het gevreesde goudomrande bladmotief, het is er allemaal te vinden. Tegen de achtergrond van deze tropische oase van kleur en vorm, toont Van der Loo vier recente schilderijen. In eerste instantie denk je direct aan een ernstige vorm van overkill, want Van der Loo's doeken blinken eveneens uit in grillige kleurschakeringen en motieven.
Gevaar
Als een bergreliëf komen de doeken van Van der Loo uit de wanden omhoog. Het gevaar dat Van der Loo's doeken op deze manier tot een soort driedimensionaal behang worden gedegradeerd is niet ondenkbaar. Dat dit toch niet gebeurd, is deels te danken aan het concept van Jan van den Dobbelsteen. Zijn bijna wiskundig geplakte behangpapier vormt de perfecte, statische achtergrondruis waartegen Van der Loo zijn doeken kan plaatsen. De kleuren en vormen van Van der Loo en Van den Dobbelsteen vloeken niet met elkaar omdat het contrast tussen de twee gewoon te groot is. Van den Dobbelsteens wanden zijn in al hun veelkleurigheid toch heel ordelijk opgebouwd en hebben een strenge meditatieve uitstraling. Van der Loo's schilderijen daarentegen barsten van de energie, en beantwoorden precies aan de temporijke tijdgeest van deze eeuw. Want het is met name de overtuigingskracht van Van der Loo's schilderijen die er voor zorg draagt dat de doeken niet verzwolgen worden door Van den Dobbelsteens eendimensionale oceaan van kleur.
Bruisen
Bovendien zijn de stroken verf opgebouwd als banen in banen. Van der Loo dompelt namelijk de tandjes van een lijmkam in de verf en haalt deze vervolgens over het doek. Op deze wijze ontstaan er baantjes in de banen van verf, waardoor zijn doeken bruisen van het leven. Door vervolgens heel zorgvuldig de kleurbanen in verschillende lagen over elkaar te stapelen weet hij een enorme dieptewerking te krijgen. Als een extra contrast toont Jan van den Dobbelsteen nog een 'doek' van zijn hand achterin de zaal. Geen gewoon schilderij maar een oud, opgerold doek dat als een object tegen de wand hangt. Op het opgerolde doek is een olijke, slapende boeddha geschilderd. Als een eerbetoon maar ook als een ironische toespeling op het wat al te ordelijke wereldje van de Nederlandse meester van de twintigste eeuwse schilderkunst, Piet Mondriaan, noemt Van den Dobbelsteen het object Mondriaan slaapt. En dat is maar goed ook, want de fantasievolle en grillige overvloed aan kleuren, lijnen en vormen -die Van der Loo en Van -den Dobbelsteen tentoon spreiden zou Mondriaan geheid tot wanhoop hebben gedreven.
Huub van der Loo Mondriaan slaapt Pronkkamer Uden
t/m 16 december